home | privelog | stats | gelinkt door | beheer | maak je eigen weblog aan! | Wil je mijn visitekaartje? punt.nl

 

HARDHOUT!!!!
Muziek/Aankomende-concerten | Kapstok Veenendaal | 03 Maart 2012 | 21:19:56
 
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 27

Wil je mijn visitekaartje?

wel, gevormd
Taal/Gedicht | gedichten | 13 Mei 2012 | 18:54:26
wel, gevormd
 
zonder te beseffen dat iets al gedaan is
beleeft men telkens dezelfde cyclus
als ’t najagen van duisterbollen
bezwangerd van een kopergroen licht

laat mij de verschijning vangen in een schilderij
of verwerken tot vele sculpturen

misschien dat we ’t gaan begraven
als fossiele brandstof voor morgen
waar duurzaam zich zal slaven
en na een foto ervan genomen te hebben
voor het juiste beeld zal zorgen

© Maularia Fist

pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 10


de dag van Caduceus
Taal/Gedicht | Kapstok Veenendaal | 07 Mei 2012 | 21:39:21
 
de dag van Caduceus
 
createur der medicatieve beats
zowel diepzinnig als open met motivatie
een ware James Brown in samenwerking
heilige koe vererende, een luisterend oor
dit is mijn ode aan de enige echte Cadu Cadu
Hindoeïst, producer en Indiër: Caduceus

luisterend oor voor tonen ritmisch
legt monsters op zoveel minuten spoor
mysterieuze mystiek dampt er door
als een olifant hoor je de hartkloppingen
wanneer ik weer goede raad aanboor
en nog een beat vol bezieling opzet

hij is niet groot en ook niet klein
een gouden flits in de nacht
flikkerlicht bij winterse kou
met een Inspector Gadget mobile
deelt goederen aan weinigen en velen
de reden dat ik hem vertrouw
een mede Kapstokcollectieveling
waarmee ik deze shit opbouw

het was een bijzondere dag
rappers werden opgenomen
op een wel heel relaxte beat
de dag van Caduceus
zoek ‘m op, luister
en geniet
 
© Maularia Fist
 
Dit gedicht behoort ook tot de Woord voor Woord reeks en is geschreven aan de hand van de dag van Caduceus. Hierbij heeft Caduceus in samenwerking met rappers een complete Kapstok track gemaakt in één avond tijd. Al met al mijn complimenten.
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 13


ik ben er één met de natuur
Taal/Gedicht | galerie Kunstplaats | 29 April 2012 | 18:43:00
ik ben er één met de natuur
 
waternimf werpt zich op uit de kust
met een zeer sterke natuurlijke levenslust
men ziet haar verschijnen in vele vormen
voorspellende vlinders, vogels en kans op stormen
terwijl in haar palm een bollige energie rust
 
ze wil meer van zichzelf zien en chocolade
als de teerling speelt ze met grote maten
kleinere hangt ze aan enkels voor de bron
terwijl een stad zich verheft tot aan de horizon
spiegelt ze waarop ze blijft haten
 
de tovenares van het lentemeer
laat steen als bomen groeien
en paarden uit klompjes brons
ze verrast me elke keer weer
terwijl ik vanuit de bus observeer
vanachter een verrekijker met een frons
 
er groeien planten uit m ‘n materialenkast
sprinkhanen hoppen in de tuinen
energie heeft de tovenares geketend
als een illustere, kleurrijke bol vol glitters
gesluierd rouwt ze, de mens blaast de hoorn
en bedwingt zo als een spiegel haar toorn
 
in een vreemde symbiose verkeren we
tussen opvoeding, jachtige honden en speelgoed
op de vensterbank
 
zo observeer ik het alledaagse leven
achter glas en geraniums, vanaf een bank
 
© Maularia Fist
 
Voor de beelden bij dit gedicht heeft er een expositie plaatsgevonden in de galerie de Kunstplaats. De artikelen en foto's vind je als je op de site van Stichting Kunst Aktief en Platform Edese Kunstenaars rondkijkt, de adressen zijn www.stichtingkunstaktief.nl en www.pek-ede.nl. Klik daarvoor op de links.
 
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 12


optreden bij Gedichten Op Muren in video
Taal/Gedicht | gedichten | 19 April 2012 | 23:03:22
 
Dank aan een goede vriend voor het filmen.
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 21


INDRINGENDE POËZIE EN BEELDENRIJK PROZA
Taal/Gedicht | gastrecensies | 16 April 2012 | 23:33:53
INDRINGENDE POËZIE EN BEELDENRIJK PROZA
 

Amanda Malinka (1975) werd geboren in het Brabantse Nederland. Daarna maakte ze vele omzwervingen om uiteindelijk over de grens haar inspiratie te vinden. Haar werk is in diverse bladen geplaatst en opgenomen in bloemlezingen. Zij heeft sinds kort haar eerste bundel uitgebracht: De omgevallen muren achter de Muze.
Sommigen noemen haar de dichteres van de dood. Zij staat aan de zelfkant van de samenleving en focust zich op rampzaligheid. De dood kent bij haar vele kleuren. Die evaluatie is deels juist, maar onvolledig.
Ik kreeg het boek opgestuurd. Groot was mijn verbazing toen ik het opensloeg: na een prachtige, aantrekkelijke cover van Henk Stam vond ik een amateuristisch in elkaar ‘gestoken’ publicatie. Geen titelbladzijde, geen colofon: ISBN afgedrukt boven streepjescode op cover achterzijde, geen inhoudsopgave, geen melding van andere publicaties. Gewoon: mooi afgedrukt en uitgegeven via Gedichten.nl. Tenzij de schrijfster het zo wilde. Jammer.
Ik vind gedichten en handpalmverhalen. Haar initiërend gedicht belooft: niet ik/zoek je//het is//het kind/dat verstoppertje/speelt.
Mijn opdracht is duidelijk afgebakend: vind ik de ware Amanda Malinka achter de schijnrealiteit?
Een eerste zoektocht leerde mij meer dan ik had vermoed bij een eerste queeste. Malinka vlucht weg door een tunnel/haarzelf tegemoet. Ik loop de tunnel in, betreed haar huis, maar het voldoet haar niet: zij ergert zich aan slangen die over de muren kruipen. Daar zit zij op zichzelf. Zij vindt het huis en wat zich erin en eromheen afspeelt, theater.
Opvallend hoe vaak zij in de sterren kijkt: zij ontvlucht de werkelijkheid en vermoedt in de hemel een teken te zien. Zij ziet het paard rustig grazen, zij hoort de schorpioen uit de aarde kruipen.
De waarheid ligt tussen de stenen. Zij heeft een lichaam dat elke dag in de spiegel stond. Om het even wanneer, welk seizoen ook, het lichaam bleef in de spiegel staan: bij sneeuw, in de herfst, in de lente.
In dit huis, in dit lichaam is geen kamer, de stilte is er een oorverdovend orkest. De dichter speelt trompet, even maar, en verstopt zich dan weer in het lichaam.
Zij komt tot een verbijsterende conclusie: uiteindelijk zijn wij allen moordenaars. Wanneer zij de vriend opzoekt, zegt hij: jij bent toch een dichter/schrijf dan over mij of ik nog leef. De dood toont zich uitdrukkelijk.
Ik laat voorlopig de handpalmverhalen onaangeroerd en zet mijn zoektocht verder in haar poëzie.
Nu ben ik het zeker: de dichter is een sterrenkind, hoewel ik besef dat mijn vondst een complex gegeven is: het sterrenkind is hem bij de bomen, maar ook een haar: het groen maakte het een vrouw. Het lichaam bleef achter.
Mooie poëzie, met verrassende beeldspraak, verhullend, onthullend, schijn en waarheid. Poëzie die kadert in een specifieke spirituele traditie, maar vormelijk vernieuwend is. Amanda Malinka laat grenzen wegvallen of relativeert ze; ze wentelt zich in scheidingen, tegenstellingen, beperkingen.
Ik zet mijn zoektocht verder aan de hand van haar verhalen. Zonder overgang, want de sfeer is dezelfde.
In vijf episodes vertelt de dichter/schrijver in De rozen die je (niet) aan de Pelgrim geeft over haar hoofdpersonage die tegen de maan praat en honden tot leven schreeuwt. Hij zegt haar dat zij te veel droomt. Zij raadpleegt de kaarten: ook nu weer openbaart zich de dood.
Zij zet haar weg verder, maar zij ziet geen vast patroon. Zij ziet een landkaart maar begrijpt de wegen niet. En toch wil zij de verbeelding niet opgeven. Zij aardt niet in het aardse leven, in de rauwe werkelijkheid, de onbewezen waarheid, maar beseft het gevaar: eens zal ik mijzelf te boven groeien tot het water mij overspoelt.
Haar proza is poëzie: ik ben je sprookjesverteller tot jij naar het altaar loopt, dan blaas ik de kaars uit en zoek een andere ster.
Het is ook hier weer duidelijk dat niets op waarheid berust en dat alles wat je ziet reflecteert op jezelf. Einde verhaal krijgt zij een glimp van zichzelf: ik ken mijn gezicht in de spiegel. De rest van de tijd zie ik maar componenten. Losse armen, benen en op het puntje van mijn neus een moedervlek.
In het tweede verhaal, Rozendoornen en maneschijn, is een man gestorven. Verbluffend hoe de schrijfster zich met hem vereenzelvigt: de zinnen die ik zelf had willen schrijven sprak hij hardop uit. Zij gingen niet over de liefde maar over de dood. Zij deelden ook vele levens en vele verhalen: toen zij roeiden in een oud bootje bij het ven, toen zij een pand kraakten. En ook hier weer duikt het lichaam op: zij tekende voor de spiegel zwarte lijntjes en hij gaf de vlakken van haar gezicht kleur. Hij is de enige die haar gedachten leest.
In “De reis van een Dwaas” ontmoet zij dichters en andere kunstenaars. Zij beschrijft onder andere iemand die weende om niets, zij dansen als Indianen, en toen hij haar verliet, voelde zij zich voor het eerst in haar leven alleen. Zij had de liefde gezien in blauwe ogen.
De vrouw in het verhaal is door het leven getekend en wil een boek schrijven. Over de liefde die vele grenzen kent. Zij is alle grenzen overgegaan. Zij heeft zich vaak een piraat gevoeld, maar ook een machiniste. Zij is vooral een nar, een dwaas in andermans ogen.
“De reis van een Dwaas II” brengt haar in een land zonder heuvels. Zij komt ook nu weer zichzelf tegen: een man schreeuwt wanhopig over de straat heen… Stiekem hoop ik dat er iets van mijzelf in hem overgaat. Wanneer zij flirt met het meisje achter de bar, wordt zij geconfronteerd met de werkelijkheid die heel anders is dan de verbeelding: in de reflectie van een winkelruit ziet zij een vrouw met pluizig haar. Zij wil alleen maar slapen. Uit niets wil zij bestaan. Daar is zij thuis.
Tijdens de derde reis ontdekt zij in het dagboek van een vriend een mysterie: eeuwigdurende liefde bestaat!
Maar ook deze gedachte helpt haar niet om de waarheid te vinden. Haar waarheid. Haar eigen openbaringen. Ook wanneer zij dood is, zal niemand waarheid spreken, maar grote leugens over haar zullen worden verkondigd.
En opnieuw blijkt hoe bipolair zij is, hermafrodiet, meerslachtig, want op de terugreis is zij pas echt haar geliefde. Zij is beminde en minnaar. Beiden beloofden elkaar de eeuwigheid, maar nu zien zij in dat er een groter geheim verborgen ligt: de dood.
De schrijfster is bijzonder kosmosgevoelig en dit buitenaards zijn doet haar in twee werelden leven, waardoor zij nergens thuis is.
Ook tijdens de vierde reis slaat de verbeelding op hol. Weer ontmoet zij een man, met name de schrijver. En weer kruipt zij in zijn huid, in zijn glimlach, in de droom waarin zij beiden personages zijn: de schrijver zal altijd bij me zijn… Stiekem delen zij hun tijd op.
In “De reis van een Dwaas V” is zij uiteindelijk gewoon zichzelf. Zij probeert te leven met de mensen (vooral mannen) die zij “op de wereld heeft gezet”: ja, daarom vereeuwig ik hem hier. Zij hoopt eens - werkelijk - met elkaar te kunnen omgaan.
 
Ook in de volgende verhalen is bovenstaande mix tussen werkelijkheid en verbeelding, tussen waken en dromen het concept. Ook dan creëert de schrijfster dubbelbeelden: zij vereenzelvigt zich met een ander, meestal met een man, zij neemt bezit van hem (ook andersom kan) en ontdubbelt deze twee-eenheid even later om de maat te nemen van waarheid en leugen.
Dit procedé ontmoet ik voor de eerste keer of toch met deze verbetenheid. Amanda Malinka probeert het onbereikbare aan te raken. Zij kruipt permanent in de huid van de Muze en laat de lezer deelnemen aan het spektakel.
Het korte verhaal “Altijd” biedt de sleutel aan van haar zijn en haar aanvoelen. Ik citeer: Waar ik ook heenga, altijd zal deze andere wereld in mijzelf bestaan. Of: morgen weer een reis… ik kijk naar de maan om mijzelf verbonden te voelen met het geheel.
Breekbaar mooie teksten, ijzersterke regels. Poëzie en Proza: onvoorspelbaar, onverwacht, maar moeilijk. Beide vragen inspanning. Het loont echter de moeite!
Ik ontmoette Malinka bij de bomen/de nacht werd maan/het lichaam bleef achter/en zo trok ik/met haar mee.
Thierry Deleu
Amanda Malinka, De omgevallen muren achter de Muze, Gedichten.nl, 2012
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 19


Amor, een suite liefdesgedichten.
Taal/Gedicht | gedichten | 16 April 2012 | 23:29:50
M 'n waarde collega Thierry stuurde me onlangs een selectie van zijn liefdesgedichten. Dit met de vraag of ik ze op deze webstek wilde plaatsen en dat wilde ik wel. Dusz zonder verdere omhaal of enerlei gedoe presenteer ik hierbij Amor, een suite liefdesgedichten.
 
 
Ontwaken

languit haar naaktheid een preuts gewaad
op haar been een streep geronnen licht
dat zich een weg baant in de kamer

naar lavendel ruiken de lakens
doodstil dit huis in een beginnende regen
de zon schuift haar lichtende ladder uit

op de vleugels van haar ogen
even talmen zij wanneer een wolk
over de heldere ruimte glijdt

nu knipperen ze in het blinkende licht
languit haar handen achter het hoofd
vraagt zij hoe laat het is


Als een jager

Haar gezicht is wit van regen
een vensterglas waartegen mijn mond
proeft proevend het murwe water
dat hoorbaar schuchter huiveren doet.

Zij ziet mij en onze monden beven.
Van geur en kleur, en zinlijk herkennen
hoe ik ree lig voor de overval.
Als een jager in zijn grondgebied.

Ik hoor de schroom van elk sterven.
Met vingers die haar adem stokken
streel ik het dier achter in haar huid.
En zij stuiptrekt voor het geheim.


Na de dageraad

Verwekt uit zoveel handen zachtheid
en zo weinig harde aarde, zij ligt -
aan haar garstige adem slaap ik.
In de rimpels van haar huid brede

sporen van een man, gevlucht voor het
krijsen van een kleine kraai.
Na deze dageraad een nieuw kind
zal zij dragen, als een dracht waaraan

geen liefde vreemd gebleven is.
Ik voel de adems in mijn longen
openstorten. Elke dag, elk uur.
Als ik dit schrijf als een klaaglied,

dat zo weinig woorden weemoed zingt,
ben ik de fallus die zijn zaden plant.
Tot hoorbaar zacht de nacht als een
vogel over onze tempel wiekt.


En het water neemt je naam

De wind ligt languit op de dijk.
In de wolken ruik ik de adem
van het zout en de duinen.
Ik grijp de zon in het water

en giet haar uit over hoofd en hals.
Het zieke dier huivert in mijn
bloeiende heup - als regen op riet.
In het zand dat mijn voetstap draagt,

schrijf ik jou ten voeten uit.
En het water neemt je naam.
In het bange handgeklap
van een vogel hoor ik onweer.


Liefde

Voorzichtiger dan vlinders strijken
mijn lippen op je schouders neer.
Zo-even weer. Als het sneeuwen
van meeuwen op de wiegende zee.

Liefde is huiver. En gulzigheid.
Van mond en tanden, krauw en beet
en tederheid van vogelveren.
Liefde is ook jagen, prinses,

op de katten in je ogen,
op de welpen in je enkels,
de springgazellen van je geest.
Liefde vernietigt niet, prinses.

Haar prooi wordt meesteres,
mijn roede haar trouw reptiel.
Liefde is elk uur als de duur
van een vlam tussen rook en as.


Het ontwaken

Langs een ladder van zon huiverend
sijpelt het licht de kamer in.
Zij glimlacht vaag en rekt zich uit,
haar zilte haar berijmd als loof.

Zacht als een marmot om te strelen,
haar huid mooier dan de rankste ree.
Ik proef de wijnen van haar bloed,
De geurende amber van haar leden.

In het nachtwoud van haar haar
fluister ik gedichten en gebeden.
Mijn hand glijdt naar haar schoot
en loopt verrukt haar lichaam in.

Zij smacht nu onder de dekens,
ik ben te laken, te loef, te lij,
verstrooi in reeksen kreten
de huiver van haar kleine meeuwen.


Ik leg het oor

Ik leg het oor op haar buik
en laat er rauwe bloemen achter,
eerst sneeuwklokjes, dan anemonen,
speenkruid en klaverzuring.

Haar buik een nest jonge eenden
peddelend in het dikke water.
Ik druk mijn stethoscoop tussen
de sleutelbloemen en viooltjes.

In haar heupen voel ik vogel
en vleugels beven als een riet.
Tussen haar oevers slijm is het
water dat zich traag beweegt.


Avontuur

In ‘t welig kruid van je huid ik
strijk neer en fluit van zotte vreugd
het lied van onze zondeval.
Een specht speelt solo op je dij.

En als water kirren duiven
onder de bloesems van je gezicht.
De knoppen van je borsten gloeien,
als je openbloeit een explosie

zo snel in de palm van mijn hand.
Een avontuur in jou te klimmen,
vol van zang en dol van zinnen,

maar als in hout letters kerven,
die je ook later ziet, kan ik niet.
Morgen fluit ik licht een ander lied.


Aan het water

De kleur van gras ben ik vergeten.
Zij kent de geur van hooi, de smaak
van water, het waaien van het riet.
Zij rekt zich uit als een konijn,

belust op 't zwoele minnespelen.
Ik vlij mij neer op 't slanke dier,
dat wuft en warm mij drijft naar
't wassend wier waarin mijn vinger sluit.

Aan de dode arm van de rivier
spreidt zij onbeschroomd gedwee
de twee verhalen van haar benen.
En de zon leest zich de ogen uit.


Wepele meeuw

Ik leg mijn oor in het zand en hoor
de zee zo-even aanstoot gevend.
De wind ontwaakt en gaat liggen
onachtzaam op zijn andere zij.

Met ringen van wier om de enkels,
zij voert de zee aan in mijn hemd,
in haar hand een wepele meeuw.
Zacht sluit haar mond mijn woorden af.

Ik proef het zout op haar lippen,
voel de storm groeien in mijn buik.
Heerlijk de liefde bedrijvend
als de zee aan haar lichaam kleeft.


In het duin

Met de veroveraarblik van
een kind op zijn hobbelpaard
maak ik jacht op de vlinder
tussen haar lippen gespeet

zijn vleugels beven als riet
als ik haar traag bevinger
stil en van goeden huize
verzwijg ik wat niet eerbaar is.

In het duin proeven wij na
van knappend brood kaas en wijn
als verfijnde dieren hebben
wij ons uit het zicht gelegd.


Een zomer in de Moeren

Een zomer in de Moeren
aan de bocht van Cabourg
tussen broek en schote
land van koolzaad en rapen

zij vlijt zich neer prooi
lenig dier dat half opgericht
mij zoent in tegenlicht
onder navel en lenden.

Ik verstijf tot pagode
op deze binnenduin
stokebrand geuzenstorm
Seinemolen zonder wieken.

Als zij openwaait delta
van genot moeras onderkomen
voel ik het koolwitje
beven in haar heup.


Zonsopgang

Haar oor tegen mijn wang aan
op een grasspriet van het water
in verwondering kijken hoe
een waaier van pasteltinten

verkleurt van verwaterd groen
naar dieproze - zonsopgang
als een koperen bol spat
de nieuwe dag open overgiet

de natuur met verblindend licht
een kraai verbazend dicht
schaterlacht de stilte open.
Behoedzaam knoop ik de bloemen

van haar katoenen jurkje los
waar zij is uitgegroeid.
De geur van verse koemest
prikkelt onze zinnen.


Beeldenstorm

Vluchtende monniken dansende
monniken witte benen
tussen reikhalzende schapen
die als juffers opgejaagd

over het plein tippelen.
In bruinharen pijen gehuld
hun kappen vallen als maskers
van hun kruinen lopen zij

de dieren voor de voeten.
Kreunend uit haar acht hoeken
luidt de klok de beeldenstorm.
De bliksem slaat in de oppers

de boeren met heiligenbeelden
onder de arm verdwijnen
in hun houten huizen.
De herder fluit op zijn vingers

over de heuvelkam blaft
de hond zijn schapen bijeen.
Op enkele vamen vandaan
dring ik in jou als halewijn.
(Lavaudieu)
Vinkem op de Schreve

Ik heb op zijn Frans gemind
in dit koninklijk bordeel
Vinkem op de Schreve.
Sedert is zij in al mijn

zinnen vrouwe Camelot
teugel van mijn Pegasus.
Haar huid zit om de perzik
in mijn hand het parfum

van haar lichaam hangt in
de lucht die ik adem.
In de wiekslag van een meeuw
hoor ik haar schaterlach.

Zij is mijn evangelium
geen vrucht smelt in mijn mond
of ik denk aan haar.
Vinkem op de Schreve.


Sint-Flora

Wij snuffelen de berm op
in de wei liggen schapen
uit de hemel gevallen
meteorieten een reiger

komt aan de einder neer.
Zij ruikt naar pas gemaaid gras
haar lippen beginnende dauw
dauwdraden waaraan vlinders

zinderen. Ik voel hun vleugels
trillen als zij kreunend
openbarst haar schoot mijn
bloeiende dood. De aarde

duizelt als wij huistoe
schrijden een paard met kar
schudt als een natte poedel
de geluiden van zich af.


Een ootje verbazing

De zomer is voorbij
en de raten rijk
ik ruik honger en honig
een bleekgroene zon

met sluikhaar kijkt
door de beginnende regen
ik loop dicht naast haar
zij rilt het afgeworpen

water dwarrelt neer
met haar duim wrijft ze
de laatste druppels uit
haar navel haar borstjes

spannen als een b.h.
ze heeft gezwollen voetjes
op haar dunne mond
een ootje verbazing.


Als ik aan land ga

In gespreide slagorde
voert zij haar oorlog
eeuwig zwanger zijn
van haar grote koning

zij lacht als op een party
haar buik de zee die ik
bevaar onder piratenvlag.
Als ik aan land ga

in haar hoogrankende delta
staat mijn schip op het spel
de meeuwen slaan
aan 't muiten.


Vlinders

De vlinders in je buik
vliegen uit prikken
zich op jouw topje
naast een tepel wepel

fladderen hun vleugels
krijgen alle kleuren
van de regenboog
het oog wordt verwend

tot ineens de vlinders
zijn verdwenen zo vergaat
het verliefdheden
zo hevig kort van duur.


Brief aan Hélène

Hélène hitsige maagd op kousenvoetjes
de lange puntstaart van je kornet
krult zich over je rug kwispelt over
de grond gekrulde fallus in erectie

zachte stokebrand zet de tobbe uit
hits het water op prikkel mijn zinnen
schrob mijn knoken hard mijn eikel
kom wijdbeens over dat ik oprollen kan

je kleed tot aan je lenden schouwspel
cinema in geuren en kleuren en
als ik oprijs tsunami zoen ik jou
als een ontdekkingsreiziger

roep Amerika  en vaar landinwaarts
voorbij de klippen je baai binnen
de zon steekt het water schuimkopt
jij koert en kirt ik gier van pret.

Thierry Deleu

pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 25


GROTE POËTISCHE GEVOELIGHEID OP SUBLIEME WIJZE VERWOORD
Taal/Gedicht | gastrecensies | 16 April 2012 | 23:17:41

GROTE POËTISCHE GEVOELIGHEID OP SUBLIEME WIJZE VERWOORD

Katelijn Vijncke (°1959) schrijft vanaf haar veertiende poëzie. Mij naar buiten geschreven is haar negende bundel.

Poëzie is haar leven. Katelijn schrijft niet op papier, ze schrijft haar gedichten met heel veel geduld via een speciaal aangepaste computer. Ze is fysiek gehandicapt. Zij kan zich moeilijk mondeling uitdrukken, maar in haar gedichten kan zij heel veel dingen kwijt. Haar poëzie verwoordt in de eerste plaats gevoelens. Zij creëert diepgang. Er is meer dan wat er staat.

Al schrijvend kan zij uitdrukken wat zij niet over de lippen krijgt. Schrijven geeft haar zelfvertrouwen. Door haar motorische handicap heeft zij een specifieke kijk op de wereld. Haar beperkingen hebben ongetwijfeld haar poëzie beïnvloed. Dit is een meerwaarde.

Mij naar buiten geschreven omvat acht luikjes: "vrijheid", "mijn liefde", "hemel", "pijn en angst", "schrijven in alle vormen", "natuur", "relatie" en "vrouw zijn".

Vrijheid krijgt in haar poëzie een aparte inhoud: zij is in hart en ziel vrij, begaafd met een vrije geest. Vrijheid bij haar is anders zijn, anders doen. Vrijheid is ook voelen wat haar heeft vrijgemaakt: haar zelfvertrouwen, haar verbetenheid. In haar beperkte vrijheid creëert zij kosmische ruimte waardoor zij zich vrijer voelt dat wie zich verengt en verkrimpt. Zij bevrijdt zich van angsten, zij laat niet toe dat haar gedachten worden vastgepind, gepleisterd. Je merkt ook hoe graag zij vrijheid afstaat om niet te verstikken.

Haar hoofd is vrij, en in deze lichtheid ziet zij toe hoe een rode paradijsvogel/ in stijl komt aangestoven en plannen smeedt. De dichter knapt op wat was gebroken. En hoe doet zij het? Met uitgehouwen letters.

De wijze waarop zij de geliefde beschrijft, is bijna geniaal: zij geeft ons het gevoel dat zij zichzelf opsplitst in geliefde en beminde:

jij smelt mijn handen

ik lijm je hoofd samen

in een oogopslag

wagen we elkaar

lossen we op

elegant en bevallig

in kippenvellen

extase

tot ons doeleind.

(p. 14)

Ook haar observatie getuigt van intens kijken, bevlogen zien, innerlijk waarnemen wanneer zij dicht op het raamkozijn in boekband/slaapt een berg stil,/zijn withete kiezelstenen vlijen/zich tussen de deurspleten.

Enkele gedichten in het 2de luik "mijn liefde" zijn van de puurst verwoorde en bewogen liefdesverzen die ik ken. Katelijn Vijncke beleeft de wereld, het leven en ook de liefde op een eigen wijze. Liefde betekent diepe genegenheid voor, welgezindheid tot toewijding voor een ander. De actoren van haar liefde overstijgen het menselijke, ze zijn kosmosgevoelig. De betekenissen die zij er aan geeft, zijn enerzijds lichamelijk en anderzijds zielgroot geïnspireerd, ontvroomd, ontvleesd, vergeest. Dit eilandje van poëzie over de liefde is een halte in eenvoud, daar er niet de tijd is om een oogstrelende gedichtensite te maken.

baardhaartjes zijn welkom.

nevelparels in je gezicht

spreken het landschap uit

dat tintelende sterren

over mij uitstrijkt.

(p. 21)

steeds met open armen

het onvermengde optillen

en het kroelen.

(p. 24)

De twee gedichten uit "hemel" verwoorden haar angst om afscheid te nemen van wat voor haar geluk is geweest en onuitwisbaar verdriet.

verdriet onuitwisbaar

evenals je gulle lach

die ik bedenk

op je doodsprent

te vroeg gedrukt.

(p. 28)

De dichteres bestrijdt met innerlijke kracht "pijn en angst" in het volgende luik. Zij bevecht "het ellendig spook": zij kijkt niet achterom, verheven knuffels raken haar. Hoe mooi is het beeld van de wijze uil die met zijn blik/op de schouders tikt,/ mij met ijver en hoop/in een potje yoghurt legt/waarin ik kan drenken.

Katelijn Vijncke schrijft "in alle vormen". Zij schrijft het zelf, ze is er goed van bewust of hoe haar beperktheid haar eigen mogelijkheden biedt. Deze vormen gebruikt zij ook om haar gramschap te ventileren en haar "eigen gedacht" te zeggen. Het gedicht "oestergamma" is mij niet vreemd: zij schreef het na de voorstelling van het 2de jaarboek van "De 50 Meester-dichters" waar zij terecht bij hoort.

Welke waren haar indrukken? Zij ontmoette een door de onbevaarbare,/verwaande poëtische dame, mijn woorden keren/haar ijzig de rug toe. Maar toch is het feest geslaagd: het uitgelezen gezelschap/deint voldaan uit/in de hotelschool/tot hoge waardering.

Zij schrijft "in alle vormen": als meester-dichter in blauwe inkt op een vlonder, met een pen die uitloopt door beweging van de golven die de zee schrijft om te vergeten.

Ook de natuur is een onderwerp met een aantal prachtige beelden, zoals knoppen springen uit hun vlies of voedzaam als bezielde appelen of de bries die tot zweven tilt. "Een klare kinderwens" doen bomen blozen door vensters, Pissaro heeft ze allen in bed gestopt.

Het spreekt vanzelf dat de menselijke problematiek van liefde, natuur en relatie haar, zoals elke dichter, beroeren. Zij kiest bovendien een apart luik "relatie". Op een ongedwongen wijze, met alweer mij naar buiten geschreven, schrijft zij over een vingerkoek, knapperig, met een toefje slagroom, liefde likt haar weg.

Ook contrasten, net zoals in het leven, in poëzie vervat, doen Katelijn mijmeren: gedichten met een warme gloed of gedichten waar het verdriet zich onderliggend verschuilt, fantasie of dromen, wat is en niet is, verleden, heden en toekomst.

De dichteres creëert een eilandje tussen de grote dichterlijke eilanden waar zij kan aanmeren tijdens haar reis over de golven op zoek naar dat wat zij zelf graag invult.

 

Wat is schrijven voor Katelijn Vijncke? Schrijven is als een wolk/waaraan de zon hangt. Zij schrijft haar eigen wolk.

De prachtige bundel (de beste tot op heden) eindigt met enkele schitterende gedichten over "vrouw zijn". Vrouw zijn in zoveel verscheidenheid maakt haar rijk en vlammend.

als het winter wordt is je haar wit.

je schildert woorden in de sneeuw

te dicht bijeen zodat ze vervagen.

je maakt hen spiegelglad en afgerond

het licht klaart je steeds met pit

ik zie telkens een jonge geeuw

die de tijd heeft opgedeeld in lagen

zodat hij rustig blijft liggen, terstond.

(p. 62)

Het nawoord van Catherine Claeys getuigt van inleving. Zij doet er mij aan herinneren dat Katelijn ook tekeningen maakt. Uit zoveel dingen, verrassende dingen, leid je af hoe veelzijdig zij is.

 

Thierry Deleu

Katelijn Vijncke, mij naar buiten geschreven,
www.writehistory.be, ISBN 9789460790607, 2012
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 20


oneindig zijn de streepjes en rondjes
Taal/Gedicht | Kapstok Veenendaal | 09 April 2012 | 22:47:56
 
Wederom een Kapstok gedicht van de reeks Woord voor Woord.
 
dropbox
alzheimer
stofzuiger
boterbloem
wachtruimte
ideeënbus
je moeder
ochtendlul
avondkut
waterpokken
watermeloenen
zoetzure saus
 
oneindig zijn de streepjes en rondjes
 
te midden van velden vol boterbloem
ontving ik me thans een weergaloos visioen
van elfjes en draken tot giga grote waterpokken
en er een sjamaan watermeloenen staat te wokken
gedresseerd met een heerlijke zoetzure saus
 
in tijdsverloop was er bij dag een avondkut
met een ochtendlul bij nacht aan het schaken
de ene zette de ideeënbus voluit open
om met vele streken de ander onderuit te haken
 
na veel gedoe verscheen er een aardmannetje
zoog gevallen stukken op met de stofzuiger
de stofzuiger van het merk "je moeder"
het was een heel vreemd oranje aardmannetje
waarvoor ik m 'n alzheimer verloeder
 
tikken tikken tot klokslagen
van de cirkel in de wachtruimte
en ik zie de digitale leegte vervagen
terwijl er een mensengezicht opdoemt
waarop ik me besef me te bevinden
in het venster van de dropbox
 
wederom zit er iemand naar me te staren
 
© Maularia Fist
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 19


dreyffistoëzie - het afscheid
Kunst | dreyffistoëzie | 04 April 2012 | 10:48:11
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 17


emotionele, sentimentele waarde
Taal/Gedicht | Kapstok Veenendaal | 29 Maart 2012 | 01:30:16
 
Wederom een jongeling van m 'n knuisten, aan de hand van verkregen woorden voor de vuist weg gegrist.
 
| kruk | pen | scratchen | gespreksvolume | stijloorlog | trapezium | rijksdaalder | kachel |
 
Lees en ervaar je beleving....
 
emotionele, sentimentele waarde
 
in ‘t café aan de straten
vindt hij zich terug met een drankje
en in de andere hand z ‘n lievelingspen
gezeten op de kruk aan de bar
de hip hop dj is nog aan ‘t scratchen
er bungelt een aapje aan een trapezium
verwikkeld is het in een stijloorlog
die z ‘n weerga nog niet kent
terwijl met het stijgende gespreksvolume
hij z ‘n rijksdaalder verruilt
om de kachel van een gezamenlijk verlangen
in fiere flarden op te stoken
zijn harde hout zal ongeschonden blijven
tot hij thuis weer in zijn lichaam is geslopen
en trots grijnst om een simpele schat
in gedachten heeft hij geen feestje misgelopen
spiritueel heeft hij liefde in de kraag gevat
 
© Maularia Fist
pisang tjampoer sucu sucu | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 35


Home   weblog sinds: 2005-06-07

Ontwikkeld door punt.nl en gehost door mijndomein.nl. Problemen met de inhoud van deze log? Klik hier.